Gratis downloaden

NEN-EN 1990 · NEN-EN 1993-1-1 · §5.5 · §6.2.5 · §6.2.6

Hoe toets je een stalen ligger met de hand volgens EN 1993-1-1?

Een vrij opgelegde stalen ligger is de eerste berekening die de meeste constructeurs leren, en nog steeds een van de meest voorkomende. Dit rekenvoorbeeld toetst een IPE 300 in S235 over 6,00 m, stap voor stap: de rekenbelasting, de doorsnedeklasse, buiging, dwarskracht en doorbuiging.

Gepubliceerd
Door
Struct4U
Leestijd
4 min lezen
Inhoud

De ligger

Een vloerligger, vrij opgelegd over L = 6,00 m. De vloer houdt de gedrukte flens zijdelings vast, zodat kip niet kan optreden. De belasting per meter is een permanente belasting gk = 5,0 kN/m, inclusief eigen gewicht, en een veranderlijke belasting qk = 7,5 kN/m op een vloer in categorie A (woonfunctie). Het profiel is een IPE 300 in S235.

Vrij opgelegde ligger: belasting, doorbuiging, moment en dwarskrachtOverspanning 6,00 m, rekenbelasting 18,0 kN/m. Maximaal moment 81,0 kNm in het midden, gemarkeerd omdat buiging maatgevend is; dwarskracht 54,0 kN bij elke oplegging; doorbuiging 12,0 mm onder de karakteristieke belasting.qd = 18,0 kN/mδ = 12,0 mm (SLS)L = 6,00 mMMEd = 81,0 kNmVVEd = 54,0 kN−54,0 kN
FIG. 1De ligger met de rekenbelasting, het moment en de dwarskracht, en de doorbuiging onder de karakteristieke belasting. Buiging is maatgevend.NEN-EN 1993-1-1 §6.2

Stap 1: de rekenbelasting

Voor de uiterste grenstoestand combineert EN 1990 de belastingen met partiële factoren. Met de aanbevolen waarden van vergelijking (6.10):

EN 1990 (6.10)
qd= 1,35 gk + 1,5 qk = 1,35 · 5,0 + 1,5 · 7,5 = 18,0 kN/m

De Nederlandse nationale bijlage, gevolgklasse CC2, neemt in plaats daarvan de ongunstigste van de vergelijkingen 6.10a en 6.10b. Voor een vloer in categorie A is ψ0 = 0,4:

NEN-EN 1990 NB, CC2
(6.10a)1,35 · 5,0 + 1,5 · 0,4 · 7,5 = 11,25 kN/m
(6.10b)1,2 · 5,0 + 1,5 · 7,5 = 17,25 kN/m, maatgevend

Het voorbeeld rekent verder met 18,0 kN/m; de uitkomsten met de Nederlandse bijlage staan aan het eind.

Stap 2: materiaal en doorsnede

S235 met een dikte van ten hoogste 40 mm heeft fy = 235 N/mm² (tabel 3.1), dus ε = √(235 / fy) = 1,0. De partiële factor γM0 = 1,0, zowel als aanbevolen waarde als in de Nederlandse bijlage. E = 210 000 N/mm².

IPE 300, warmgewalst (EN 10365)
EigenschapWaarde
Hoogte h, breedte b300 mm, 150 mm
Lijf tw, flens tf, afrondingsstraal r7,1 mm, 10,7 mm, 15 mm
Oppervlakte A53,81 cm2
Traagheidsmoment Iy8356 cm4
Plastisch weerstandsmoment Wpl,y628,4 cm3
Afschuifoppervlak Av,z25,68 cm2

Stap 3: de doorsnedeklasse

De klasse bepaalt of je de plastische weerstand mag gebruiken. Tabel 5.2 vergelijkt de breedte-dikteverhouding c/t van elk gedrukt deel met grenzen die van ε afhangen.

IPE 300: de breedtes c en diktes t voor de doorsnedeklasseDoorsnede van een IPE 300, 300 mm hoog en 150 mm breed. De uitstekende flensbreedte c is 56,5 mm bij een flensdikte van 10,7 mm; de c van het lijf is 248,6 mm bij een lijfdikte van 7,1 mm. Beide verhoudingen liggen ruim binnen de grenzen voor klasse 1 in tabel 5.2 voor S235.b = 150h = 300cf = 56,5tf = 10,7cw = 248,6tw = 7,1r = 15IPE 300 · S235 · ε = 1,00maten in mmuitstekende flens, druk:c/t = 5,28 ≤ 9ε = 9 → klasse 1inwendig lijf, buiging:c/t = 35,0 ≤ 72ε = 72 → klasse 1
FIG. 2De uitstekende flens en het lijf van een IPE 300, met de breedtes c die tabel 5.2 vergelijkt met de diktes t.NEN-EN 1993-1-1 tabel 5.2
NEN-EN 1993-1-1 §5.5, tabel 5.2
flensc = (b − tw − 2r) / 2 = (150 − 7,1 − 30) / 2 = 56,5 mm
c / tf = 56,5 / 10,7 = 5,28 ≤ 9ε = 9: klasse 1 (uitstekend deel onder druk)
lijfc = h − 2tf − 2r = 300 − 21,4 − 30 = 248,6 mm
c / tw = 248,6 / 7,1 = 35,0 ≤ 72ε = 72: klasse 1 (inwendig deel op buiging)
doorsnedeklasse 1: de plastische weerstand is van toepassing

Stap 4: buiging

NEN-EN 1993-1-1 §6.2.5
MEd= qd L2 / 8 = 18,0 · 6,002 / 8 = 81,0 kNm
Mc,Rd= Wpl,y fy / γM0 = 628,4 · 103 · 235 / 1,0 = 147,7 kNm(6.13)
UC= MEd / Mc,Rd = 81,0 / 147,7 = 0,55 ≤ 1,0(6.12)

Stap 5: dwarskracht

Voor een gewalst I-profiel met de belasting evenwijdig aan het lijf geeft §6.2.6(3)a het afschuifoppervlak.

NEN-EN 1993-1-1 §6.2.6
Av= A − 2b tf + (tw + 2r) tf = 5381 − 3210 + 397 = 2568 mm², ten minste η hw tw = 2374 mm²
VEd= qd L / 2 = 18,0 · 6,00 / 2 = 54,0 kN
Vpl,Rd= Av (fy / √3) / γM0 = 2568 · (235 / √3) / 1,0 = 348,4 kN(6.18)
UC= 54,0 / 348,4 = 0,16 ≤ 1,0(6.17)

Nog twee voorwaarden. Het lijf hoeft niet op plooien door afschuiving te worden getoetst, want hw / tw = 278,6 / 7,1 = 39,2 ≤ 72ε / η = 60 (§6.2.6(6), met η = 1,2 uit EN 1993-1-5; η = 1,0 mag als veilige waarde). En de dwarskracht verlaagt de momentcapaciteit niet, want VEd = 54,0 kN ≤ 0,5 Vpl,Rd = 174,2 kN (§6.2.8); in het midden, waar het moment het grootst is, is de dwarskracht bovendien nul.

Stap 6: doorbuiging

Doorbuiging is een toets in de bruikbaarheidsgrenstoestand, met de karakteristieke belasting en zonder partiële factoren.

NEN-EN 1990 bijlage A1.4
δ= 5 (gk + qk) L4 / (384 E Iy) = 5 · 12,5 · 60004 / (384 · 210 000 · 8356 · 104) = 12,0 mm
δlim= L / 250 = 24,0 mm (voorbeeldgrens)
UC= 12,0 / 24,0 = 0,50

EN 1990 laat de doorbuigingsgrenzen over aan de nationale bijlage en de opdrachtgever; L/250 is hier alleen een voorbeeld.

Het resultaat

ToetsArtikelUnity check
BuigingNEN-EN 1993-1-1 §6.2.50,55
DwarskrachtNEN-EN 1993-1-1 §6.2.60,16
Doorbuiging, L/250NEN-EN 1990 A1.40,50

Buiging is maatgevend met een unity check van 0,55: de IPE 300 is lang niet volledig benut. Met de Nederlandse bijlage is de rekenbelasting 17,25 kN/m, MEd = 77,6 kNm en de buigtoets 0,53; dwarskracht wordt 0,15.

Een IPE 270, ook klasse 1 (Wpl,y = 484,0 cm3, Iy = 5790 cm4), geeft een buigtoets van 81,0 / 113,7 = 0,71 en een doorbuiging van 17,3 mm, 0,72 van L/250.

Wat dit voorbeeld niet behandelt

  • Kip (§6.3.2). Zonder zijdelingse steun van de gedrukte flens komt het kipmoment Mb,Rd = χLT Wy fy / γM1 (6.55) in de plaats van de weerstand van de doorsnede.
  • Opleggingen en puntlasten. Het lijf moet de oplegreacties opnemen zonder plaatselijk te bezwijken (EN 1993-1-5 §6).
  • Trillingen van de vloer, een aparte eis in de bruikbaarheidsgrenstoestand.
  • Brandwerendheid (NEN-EN 1993-1-2).

Dezelfde toets in XBeam2D

XBeam2D maakt deze berekening voor liggers op een willekeurig aantal steunpunten, in staal, beton en hout, en toetst staal inclusief kip. Het rapport toont elke toets zoals dit artikel: het artikel, de formule, de ingevulde waarden en de unity check. Een toetser kan het volgen, en je kunt elk getal met de hand narekenen.

Bronnen
  1. NEN-EN 1990+A1+A1/C2:2011 met nationale bijlage (EN 1990:2002+A1:2005), Grondslagen van het constructief ontwerp: vergelijking (6.10), 6.10a en 6.10b, bijlage A1, gevolgklassen.
  2. NEN-EN 1993-1-1+C2:2011 (EN 1993-1-1:2005), Eurocode 3, deel 1-1: tabel 3.1, §5.5, tabel 5.2, §6.2.5, §6.2.6, §6.2.8, §6.3.2.
  3. NEN-EN 1993-1-5 (EN 1993-1-5:2006), Constructieve plaatvelden: §5 (plooien door afschuiving) en §6 (weerstand tegen geconcentreerde dwarsbelastingen).
  4. Profielgegevens: warmgewalste IPE-profielen volgens EN 10365.

Verder lezen

Reken het zelf door, met elke formule in het rapport

Elke toets noemt het artikel en toont de waarden die erin gaan.

Gratis download · eerste uur gratis · € 100 rekentegoed cadeau bij registratie · daarna betalen per gebruik · geen creditcard · Windows